Vanmiddag zat ik heerlijk op mijn terrasje aan het water, kopje thee, leuk boekje. Onder de parasol want ik kan er niet meer tegen om in de langdurig in de felle zon te zitten. Het was een drukte van jewelste met varen. Meest van die glanzende sloepen. Het lijkt wel alsof ze cadeau gegeven worden bij 6 flessen wijn. Stilletjes zit ik me dan af te vragen “waar ze het van doen”! Die bootjes kosten een vermogen weet ik. We zijn ooit tijdens een fietstocht binnen gestapt bij een jachtwerf waar ze die glanzende “kijk-mij-eens-“ boten verkopen. Gedesillusioneerd kwamen wij naar buiten. Nee, dat zit er voor ons niet in. Tenzij we de hypotheek flink verhogen. Mijn echtgenoot heeft daarna een rode 1-persoons kano gekocht.
De man in die zaak probeerde mij nog te overtuigen dat ik het ook moest proberen, zodat hij een 2-persoons exemplaar kon slijten, maar hij heeft me niet kunnen overtuigen.
Opeens voelde ik toch een soort van jaloezie opkomen naar die mensen die met zo’n sloep varen. Eerlijk gezegd kreeg ik een beetje de pest in dat ik me daar zit te vergapen aan al die lui in hun elegante merkboot met mooie kussens, opgedoft, gebruind, leuke outfit, picknick mandje, flesje wijn in de koeler. Vrolijk lachend en wuivend vanuit hun boot naar mij op mijn Leen Bakker design tuinstoel met kussens uit een aanbieding van de Aldi.
Tegelijkertijd hoor ik een stemmetje zeggen dat ik me niet moet aanstellen als een jaloers kreng: ik ben gezond, we wonen leuk, om bruin te worden neem ik gewoon een zonnebankje en mijn witte wijn pak ik zo uit de koelkast en vrolijk gezelschap kan ik op elk moment zoeken in mijn eigen kennissenkring.
Maar eerlijk is eerlijk soms ben ik gewoon jaloers: op jonge vrolijke meiden, op super slanke vrouwen van mijn leeftijd, op vrouwen met een attente man die alleen aandacht voor haar heeft, op vrouwen die erg sportief zijn, de vrouw op yoga die de Kameel” zo makkelijk doet, op vrouwen die zomaar alleen op reis gaan, vrouwen die gezellig winkelen met hun dochter, op creatieve vrouwen, op vrouwen die altijd vrolijk zijn, op zelfverzekerde vrouwen die alles durven…. Jeetje allemaal vrouwen!
Mijn overpeinzingen worden verstoord door het geluid van (alweer) een sloep met dit keer 3 schattige kleine meisjes die met opa en oma smullen van een Mc Donalds maaltijd. Ze leggen de boot even aan de kant om de kleinste te helpen met de inhoud van de milkshake die tussen haar zwemvestje dreigt te verdwijnen.
Als ze doorvaren zwaaien de kindjes naar me en oma kijkt zo trots als een pauw.
Alweer een vrouw waar ik jaloers op ben!
donderdag, mei 11, 2006
maandag, april 24, 2006
Trouwdag!
23 april 1964
Gister was onze trouwdag!
Precies 42 jaar geleden gaven we elkaar het “jawoord” in het Leidse stadhuis. Het was toen nog traditie dat je trouwde in de plaats waar de bruid vandaan kwam. Ik had een moderne witte trouwjurk met korte rok en petticoat eronder, ik leek een beetje op een theemuts. Ik ben speciaal naar de kapster geweest die mijn lange haar had opgestoken door een soort kroontje + sluiertje. Ik droeg een hip, donker brilletje want contactlenzen waren alleen voor filmsterren. Dat was wel jammer vind ik nu.
Mijn bruidegom had een zwart pak + vest gehuurd, waarvan de broekspijpen iets te kort waren. De hoge hoed stond hem wel heel leuk. Mooie Italiaanse puntschoenen maakte het compleet. Ik was dol op mijn bruidegom.
Eigenlijk zouden we eind van de zomer in 1964 trouwen maar omdat ik plotseling zwanger bleek werd de gebeurtenis vervroegd naar april. Een “moetje” noemden ze dat destijds. Nu weet niemand meer wat dat is…. Ze gaan nu samenwonen, leuke woonruimte, mooie spullen, meisje blijft lekker werken, wel/geen kind, ze proberen het gewoon. Niemand die zich er druk om maakt. Maar wij brachten destijds toch nog een soort schande over de familie! Tot overmaat van ramp gingen we ook nog inwonen bij mijn schoonouders, die hun bovenverdieping ter beschikking van ons hadden gesteld, maar zeker niet met de bedoeling dat er op korte termijn een kind bij kwam.
Enfin, het was even slikken maar wij hadden er toch wel zin in samen. Mijn verloofde hanteerde de stelling: “later lachen we erom” een gezegde dat hij altijd heeft vastgehouden ook als er achteraf niets te lachen viel naar mijn idee!
Dus iets leuks georganiseerd, trouwkoetsjes voor ons en de familie, gelegenheid afgehuurd alwaar de receptie en ’s avonds de bruiloft incl. een muzikaal duo die leuke dansmuziek speelde zodat iedereen met de beentjes van de vloer kon. Het werd een dol feest, ik heb er nog dia’s van. Niemand in de familie/vriendenkring had in die tijd een filmcamera. Voor de gebeurtenis op het stadhuis hadden we fotograaf ingehuurd. Zodoende hebben we nog een mooi album met zwart/wit foto’s waar ik zeer weemoedig van word als ik ze nu bekijk.
Het was een regenachtige dag op 23 april 1964 totdat we voor de foto serie uit de koets moesten bij de Hortus, toen begon de zon te schijnen!
De huwelijksnacht brachten we door in ons opklapbed onder hagelnieuwe Aabe dekens in het kleine voorkamertje naast de slaapkamer van mijn schoonouders. Gehorig was het ook daar: met regelmaat stopte ik het hoofd van mijn “minnaar” onder het hoofdkussen en kreeg ik geen lucht meer omdat hij een hand op mijn mond legde!
Ter gelegenheid van deze prestatie zijn gister gaan wokken bij de plaatselijke chinees, er bestaat geen groter genoegen voor mijn echtgenoot! En je komt er altijd oude bekenden tegen zodat we het over “vroeger” kunnen hebben!
Op de terugweg zijn we langs het huis gelopen waar we samen begonnen zijn.
42 jaar samen, wie houdt het nog zo lang vol straks?
Gister was onze trouwdag!
Precies 42 jaar geleden gaven we elkaar het “jawoord” in het Leidse stadhuis. Het was toen nog traditie dat je trouwde in de plaats waar de bruid vandaan kwam. Ik had een moderne witte trouwjurk met korte rok en petticoat eronder, ik leek een beetje op een theemuts. Ik ben speciaal naar de kapster geweest die mijn lange haar had opgestoken door een soort kroontje + sluiertje. Ik droeg een hip, donker brilletje want contactlenzen waren alleen voor filmsterren. Dat was wel jammer vind ik nu.
Mijn bruidegom had een zwart pak + vest gehuurd, waarvan de broekspijpen iets te kort waren. De hoge hoed stond hem wel heel leuk. Mooie Italiaanse puntschoenen maakte het compleet. Ik was dol op mijn bruidegom.
Eigenlijk zouden we eind van de zomer in 1964 trouwen maar omdat ik plotseling zwanger bleek werd de gebeurtenis vervroegd naar april. Een “moetje” noemden ze dat destijds. Nu weet niemand meer wat dat is…. Ze gaan nu samenwonen, leuke woonruimte, mooie spullen, meisje blijft lekker werken, wel/geen kind, ze proberen het gewoon. Niemand die zich er druk om maakt. Maar wij brachten destijds toch nog een soort schande over de familie! Tot overmaat van ramp gingen we ook nog inwonen bij mijn schoonouders, die hun bovenverdieping ter beschikking van ons hadden gesteld, maar zeker niet met de bedoeling dat er op korte termijn een kind bij kwam.
Enfin, het was even slikken maar wij hadden er toch wel zin in samen. Mijn verloofde hanteerde de stelling: “later lachen we erom” een gezegde dat hij altijd heeft vastgehouden ook als er achteraf niets te lachen viel naar mijn idee!
Dus iets leuks georganiseerd, trouwkoetsjes voor ons en de familie, gelegenheid afgehuurd alwaar de receptie en ’s avonds de bruiloft incl. een muzikaal duo die leuke dansmuziek speelde zodat iedereen met de beentjes van de vloer kon. Het werd een dol feest, ik heb er nog dia’s van. Niemand in de familie/vriendenkring had in die tijd een filmcamera. Voor de gebeurtenis op het stadhuis hadden we fotograaf ingehuurd. Zodoende hebben we nog een mooi album met zwart/wit foto’s waar ik zeer weemoedig van word als ik ze nu bekijk.
Het was een regenachtige dag op 23 april 1964 totdat we voor de foto serie uit de koets moesten bij de Hortus, toen begon de zon te schijnen!
De huwelijksnacht brachten we door in ons opklapbed onder hagelnieuwe Aabe dekens in het kleine voorkamertje naast de slaapkamer van mijn schoonouders. Gehorig was het ook daar: met regelmaat stopte ik het hoofd van mijn “minnaar” onder het hoofdkussen en kreeg ik geen lucht meer omdat hij een hand op mijn mond legde!
Ter gelegenheid van deze prestatie zijn gister gaan wokken bij de plaatselijke chinees, er bestaat geen groter genoegen voor mijn echtgenoot! En je komt er altijd oude bekenden tegen zodat we het over “vroeger” kunnen hebben!
Op de terugweg zijn we langs het huis gelopen waar we samen begonnen zijn.
42 jaar samen, wie houdt het nog zo lang vol straks?
donderdag, februari 16, 2006
Gezellig tv kijken!
Deze week kijk ik samen met mijn geliefde echtgenoot veel televisie. Degenen die eerdere stukjes van mij gelezen hebben, zullen zich nu verbaasd op het hoofd krabben. Dat kan niet! Nico is anti televisie, behalve een enkele natuurfilm op de late avond, kan geen uitzending hem kan boeien! Zelfs voetbal op Talpa: het doet hem niets! Op dat tijdstip gaat hij op weg naar de afhaalchinees en kijk ik ondertussen naar de verrichtingen van (o.a.) Feijenoord. Als hij terugkomt met zijn favoriete menu van de maand moet ik wel aan de tafel komen zitten. Niks bord op schoot!
Maar… lieve mensen principes zijn er om van af te wijken!
Turijn, Olympische winterspelen!
Vanaf zondag jl., zo rond 5 uur, zitten we voor de buis, jawel. Vandaag zelfs met het bord eten op schoot, eerlijk waar!!! Witlof, aardappels en een moot zalm. Gewoon in de huiskamer kijkend naar de tv. Eten en tv kijken, geweldig. Vroeger zou ik er een echtscheiding mee in gang gezet hebben, maar nu niet meer. Nu gezellig, samen t.v. kijken: een voor mij ongekende gebeurtenis. Het belangrijkste is schaatsen. Onze vaderlandse trots! Zeker nu mijn lieverd zelf enthousiast deze sport beoefend mag hem niets ontgaan. We zijn dolblij met de gouden plak van Ireen Wust, treuren om de diskwalificatie van de mooie Marian Timmer en dat Gretha Smit verder niet mag meedoen. En vandaag helemaal top: zo’n treintje van schaatsers in de binnenbaan. Geweldig! Dat belooft wat! Tussen de ritten door in de ijshal de commentaar tafel met Mart Smeet en Ria Visser, ook heel interessant. Persoonlijk ben ik beetje anti Smeets. Die man heeft mij van teveel dingen verstand: fietsen, schaatsen, columns en ook nog van muziek. Hij wordt steeds dikker ook en als mensen zich zo intensief met sport bemoeien moeten ze niet dik zijn (mijn mening). Erica Terpstra: enig mens, maar als ambassadrice van de Nederlandse sporters….. te dik!
Om 23.30 uur was Nico het opeens beu en ging naar bed. Ik niet hoor, dan begin ik pas! Mezelf een wijntje ingeschonken, smaakt zo lekker na bijna een week onthouding, de afstandsbediening en zappen!!
Kom ik terecht op Talpa: Hotel Big Brother.
Dat is pas echt vreselijk! Met plaats vervangende schaamte gekeken!
Televisie coryfeeën van weleer: Viola Holt, Bonny Sinclair, als ze net uit bed komen!! De cosmetische ingrepen zijn voor niets geweest. Heel erg!
Daarbij ondersteund door de altijd lollige zoon van Donald Jones, een dame die ooit in Luv heeft gezongen en nog wat onbekende heren runnen ze een restaurant met gasten en de opbrengst is voor het goede doel.Tot overmaat van ramp kwam Frans Bauer langs om te zingen voor het gezelschap, de arme jongen probeerde er nog wat sfeer in te brengen.
Ik ben nu 63 jaar en soms als ik in de spiegel kijk, word ik bevangen door een licht gevoel van paniek: ik moet steeds meer tijd aan mezelf besteden om er nog wat van te maken voordat ik de straat op ga. Ik heb dan ook allerlei attributen nodig, potjes, kwastjes en kleurtjes om de boel op te leuken. Maar na vanavond Hotel Big Brother te hebben bekeken, ben ik gewoon hartstikke tevreden met mezelf, eerlijk waar. Ik sta morgen zingend in de badkamer!
Jammer, dat Nico al naar bed was.
Morgen weer, gezellig en om 5 uur voor de televisie. Leuk!
Maar… lieve mensen principes zijn er om van af te wijken!
Turijn, Olympische winterspelen!
Vanaf zondag jl., zo rond 5 uur, zitten we voor de buis, jawel. Vandaag zelfs met het bord eten op schoot, eerlijk waar!!! Witlof, aardappels en een moot zalm. Gewoon in de huiskamer kijkend naar de tv. Eten en tv kijken, geweldig. Vroeger zou ik er een echtscheiding mee in gang gezet hebben, maar nu niet meer. Nu gezellig, samen t.v. kijken: een voor mij ongekende gebeurtenis. Het belangrijkste is schaatsen. Onze vaderlandse trots! Zeker nu mijn lieverd zelf enthousiast deze sport beoefend mag hem niets ontgaan. We zijn dolblij met de gouden plak van Ireen Wust, treuren om de diskwalificatie van de mooie Marian Timmer en dat Gretha Smit verder niet mag meedoen. En vandaag helemaal top: zo’n treintje van schaatsers in de binnenbaan. Geweldig! Dat belooft wat! Tussen de ritten door in de ijshal de commentaar tafel met Mart Smeet en Ria Visser, ook heel interessant. Persoonlijk ben ik beetje anti Smeets. Die man heeft mij van teveel dingen verstand: fietsen, schaatsen, columns en ook nog van muziek. Hij wordt steeds dikker ook en als mensen zich zo intensief met sport bemoeien moeten ze niet dik zijn (mijn mening). Erica Terpstra: enig mens, maar als ambassadrice van de Nederlandse sporters….. te dik!
Om 23.30 uur was Nico het opeens beu en ging naar bed. Ik niet hoor, dan begin ik pas! Mezelf een wijntje ingeschonken, smaakt zo lekker na bijna een week onthouding, de afstandsbediening en zappen!!
Kom ik terecht op Talpa: Hotel Big Brother.
Dat is pas echt vreselijk! Met plaats vervangende schaamte gekeken!
Televisie coryfeeën van weleer: Viola Holt, Bonny Sinclair, als ze net uit bed komen!! De cosmetische ingrepen zijn voor niets geweest. Heel erg!
Daarbij ondersteund door de altijd lollige zoon van Donald Jones, een dame die ooit in Luv heeft gezongen en nog wat onbekende heren runnen ze een restaurant met gasten en de opbrengst is voor het goede doel.Tot overmaat van ramp kwam Frans Bauer langs om te zingen voor het gezelschap, de arme jongen probeerde er nog wat sfeer in te brengen.
Ik ben nu 63 jaar en soms als ik in de spiegel kijk, word ik bevangen door een licht gevoel van paniek: ik moet steeds meer tijd aan mezelf besteden om er nog wat van te maken voordat ik de straat op ga. Ik heb dan ook allerlei attributen nodig, potjes, kwastjes en kleurtjes om de boel op te leuken. Maar na vanavond Hotel Big Brother te hebben bekeken, ben ik gewoon hartstikke tevreden met mezelf, eerlijk waar. Ik sta morgen zingend in de badkamer!
Jammer, dat Nico al naar bed was.
Morgen weer, gezellig en om 5 uur voor de televisie. Leuk!
dinsdag, februari 07, 2006
Modern
De kapperszaak gaat vrijdagochtend om half 9 open. Als de bedrijfsleider van de zaak, de deur opent staat de eerste klant al voor de deur te wachten. Het is mevrouw Buitendijk, een oudere dame die elke week een bezoek brengt aan de salon. Mevrouw loopt de zaak binnen, hangt haar jas aan de kapstok en neemt plaats aan de ronde tafel. Er staat een dienblaadje op met wat vrolijke bekertjes, flesje koffiemelk en een schaaltje met suikerzakjes. In een ronde mand liggen tijdschriften.
Mevrouw heeft bij elk bezoek haar eigen kapster, Cora, die echter nog niet aanwezig is. De bedrijfsleider vraagt mevrouw of ze zin heeft in koffie en dat heeft ze wel. Hij brengt haar een plastic bekertje koffie uit de automaat en deelt mevrouw mee dat Cora “zo wel zal komen”. Mevrouw knikt instemmend en wurmt de Story tussen de stapel tijdschriften uit. Ze begint erin te bladeren ondertussen kijkt ze naar het glazen kralengordijn waar de medewerksters een voor een binnen komen.
Na mevrouw Buitendijk vriendelijk goedemorgen te hebben gezegd, nemen ze een bekertje koffie uit de automaat en kletsen wat met elkaar.
Ze is de enige klant en heeft haar koffie nog niet aangeraakt.
Als Cora door het kralengordijn binnenkomt staat mevrouw direct op en loopt met de Story in de hand naar de kapster toe. Vriendelijk lachend met een blik van herkenning. Haar koffie laat ze op tafel staan.
“Dag mevrouw Buitendijk, gaat u alvast hier maar zitten hoor”, zegt de kapster en wijst met haar vinger naar een stoel van lichtblauw leer, die voor een speciaal soort wasbak staat. Mevrouw neemt plaats, de Story in haar hand geklemd als een soort rolletje en gooit haar hoofd achterover in de rand van de wasbak. De kapster voegt zich bij haar collega’s en begint rustig aan haar koffie te slurpen.
Mevrouw Buitendijk zit nog steeds met het hoofd achterover en begint wat ongemakkelijk te schuifelen met haar voeten. De kapster kijkt terloops naar mevrouw, slaat haar ogen ten hemel, drinkt het bekertje leeg en gooit het in de vuilnisbak. Daarna neemt ze plaats achter het hoofd van mevrouw en begint met haar werk.
Mevrouw knijpt haar ogen stijf dicht tegen het schuimende water, het roddelblad geopend op haar schoot.
“Kon je slecht je bed uit vanochtend Cora? Je was de laatste die binnen kwam.
Ik werd al een beetje zenuwachtig dat je misschien ziek zou zijn. Ik moet er niet aan denken dat ik een van die anderen meisjes krijg. Al die jonge dingen, heb ik weinig vertrouwen in. Kijk maar naar hun eigen kapsel, ziet er toch niet uit. Ach, ja ik begrijp wel dat dit nu mode is, maar het lijkt alsof ze net uit bed stappen, vreselijk. Ze zouden er toch veel beter uit zien als alles een beetje meer strak in model zat. Die kleding ook, geen gezicht. Dat ene meisje, draagt zo’n kort rokje, je kijkt zo tegen haar billen als ze voorover bukt. Dat je baas dat goed vindt. Daar wordt zeker niet over gesproken. Dat begrijp ik nou niet. Er komen hier toch ook veel ouderen zoals ik, die vinden dat toch ook niets. Alles moet kunnen tegenwoordig. Kijk maar op de tv. Wat ik daar soms zie, ik wist niet eens dat het bestond. Ik ben blij dat mijn man niet meer leeft, het zou hem misschien maar op rare gedachten hebben gebracht. Ik zou me hebben doodgeschaamd om samen met hem naar sommigen tv programma’s te moeten kijken. En mannen staan toch meer open voor zulke onsmakelijkheden.
Na de grondige wasbeurt en hoofdmassage, slaat de kapster een handdoek om het hoofd van mevrouw en wrijft het haar wat droog.
“Komt u maar mee mevrouw Buitendijk, we gaan naar de spiegel. Wilt u nog koffie?”
“Graag, zegt mevrouw, maar niet in een plastic bekertje”. Er staan toch gewone bekertjes op tafel, dat drinkt beter. Ik vind die automatenkoffie ook niet lekker. Vroeger schonken ze hier een lekker kopje koffie, gewoon uit en glazen pot.”
De kapster pakt een bekertje van tafel en laat het vol lopen met koffie uit de automaat. Zij zet het neer voor mevrouw, die nu voor de rij wandspiegels is gaan zitten. Ze hoeft niets te vragen aan mevrouw. Iedere week weer hetzelfde model, jarenlang. Mevrouw legt de Story neer en neemt een slokje van de koffie. Ze gaat door met kwebbelen:
“Neem nou die verhalen in de Story, vreselijk toch. Die artiesten, hoe zij leven. Ik zelf ken bijna niemand meer van die lui. In soaps spelen de meeste, daar kijk ik niet meer naar. In het begin nog wel, maar ik kan al die ellende niet meer volgen.
En dan die voetballers, een geld wat ze verdienen! Allemaal in dure huizen. En wat presteren ze nou helemaal? En maar vreemd gaan, die met die, en de andere week, hup, weer met een ander. Wat een verloedering.
Gelukkig zijn mijn kinderen allemaal netjes getrouwd. Hebben een goed inkomen. Ik heb er vier. Twee dochters en twee zonen. En al jaren bij elkaar.
Niet dat ik ze nou zo vaak zie. Ze wonen ook geen van allen hier in de omgeving.
Mijn kleinkinderen doen het ook allemaal prima. Mijn oudste kleinzoon schijnt nu ook “samen te wonen “. Al 2 jaar. Ik kreeg het te horen op nieuwjaarsdag!
“Ach, moeder, zei mijn dochter, we wilden het maar stil houden, omdat we dachten dat je er misschien moeite mee zou hebben!”
“Begrijp jij dat Cora? Dat ze denken dat ik zo ouderwets ben? Dat ik het zou veroordelen dat mijn kleinzoon gaat samenwonen. Ze zijn netjes opgevoed, dus dat huwelijk komt nog wel. Ik hoop dat ze niet te lang wachten. Want dat wil ik nog graag meemaken.”
“Dan moet jij mijn haar eens heel anders doen. Ik bedoel een beetje modern. Wat plukjes met van die gel erin. Dat lijkt me wel wat. En koop ik een leuk pakje in een felle kleur. Van dat felle groen of zo. Zal me nog vlot staan denk je niet?
Zal ik ze eens laten zien, hoe modern ik nog ben op mijn leeftijd.”
De kapster knikt instemmend naar het spiegelbeeld van mevrouw.
Ze spuit een nevel van haarlak over het hoofd van mevrouw. Haalt de plastic kapmantel van haar schouders en houdt een handspiegel achter het hoofd van mevrouw.
“Zo mevrouw Buitendijk, het is weer klaar voor deze week. Kijk maar eens of het naar je zin is!”
Mevrouw werpt een snelle blik in de spiegel.
“Heel netjes weer, dankjewel kind!”
Samen lopen ze naar de kassa om af te rekenen. De kapster helpt mevrouw in haar jas. Als zij de deur geopend houdt voor mevrouw, grabbelt mevrouw in haar jaszak en haalt er een briefje van 5 euro uit.
“Alsjeblieft meid, dat is voor jou. Kun je eens een lekker bakkie koffie kopen als je de stad in gaat”. En tot volgende week.”
Mevrouw heeft bij elk bezoek haar eigen kapster, Cora, die echter nog niet aanwezig is. De bedrijfsleider vraagt mevrouw of ze zin heeft in koffie en dat heeft ze wel. Hij brengt haar een plastic bekertje koffie uit de automaat en deelt mevrouw mee dat Cora “zo wel zal komen”. Mevrouw knikt instemmend en wurmt de Story tussen de stapel tijdschriften uit. Ze begint erin te bladeren ondertussen kijkt ze naar het glazen kralengordijn waar de medewerksters een voor een binnen komen.
Na mevrouw Buitendijk vriendelijk goedemorgen te hebben gezegd, nemen ze een bekertje koffie uit de automaat en kletsen wat met elkaar.
Ze is de enige klant en heeft haar koffie nog niet aangeraakt.
Als Cora door het kralengordijn binnenkomt staat mevrouw direct op en loopt met de Story in de hand naar de kapster toe. Vriendelijk lachend met een blik van herkenning. Haar koffie laat ze op tafel staan.
“Dag mevrouw Buitendijk, gaat u alvast hier maar zitten hoor”, zegt de kapster en wijst met haar vinger naar een stoel van lichtblauw leer, die voor een speciaal soort wasbak staat. Mevrouw neemt plaats, de Story in haar hand geklemd als een soort rolletje en gooit haar hoofd achterover in de rand van de wasbak. De kapster voegt zich bij haar collega’s en begint rustig aan haar koffie te slurpen.
Mevrouw Buitendijk zit nog steeds met het hoofd achterover en begint wat ongemakkelijk te schuifelen met haar voeten. De kapster kijkt terloops naar mevrouw, slaat haar ogen ten hemel, drinkt het bekertje leeg en gooit het in de vuilnisbak. Daarna neemt ze plaats achter het hoofd van mevrouw en begint met haar werk.
Mevrouw knijpt haar ogen stijf dicht tegen het schuimende water, het roddelblad geopend op haar schoot.
“Kon je slecht je bed uit vanochtend Cora? Je was de laatste die binnen kwam.
Ik werd al een beetje zenuwachtig dat je misschien ziek zou zijn. Ik moet er niet aan denken dat ik een van die anderen meisjes krijg. Al die jonge dingen, heb ik weinig vertrouwen in. Kijk maar naar hun eigen kapsel, ziet er toch niet uit. Ach, ja ik begrijp wel dat dit nu mode is, maar het lijkt alsof ze net uit bed stappen, vreselijk. Ze zouden er toch veel beter uit zien als alles een beetje meer strak in model zat. Die kleding ook, geen gezicht. Dat ene meisje, draagt zo’n kort rokje, je kijkt zo tegen haar billen als ze voorover bukt. Dat je baas dat goed vindt. Daar wordt zeker niet over gesproken. Dat begrijp ik nou niet. Er komen hier toch ook veel ouderen zoals ik, die vinden dat toch ook niets. Alles moet kunnen tegenwoordig. Kijk maar op de tv. Wat ik daar soms zie, ik wist niet eens dat het bestond. Ik ben blij dat mijn man niet meer leeft, het zou hem misschien maar op rare gedachten hebben gebracht. Ik zou me hebben doodgeschaamd om samen met hem naar sommigen tv programma’s te moeten kijken. En mannen staan toch meer open voor zulke onsmakelijkheden.
Na de grondige wasbeurt en hoofdmassage, slaat de kapster een handdoek om het hoofd van mevrouw en wrijft het haar wat droog.
“Komt u maar mee mevrouw Buitendijk, we gaan naar de spiegel. Wilt u nog koffie?”
“Graag, zegt mevrouw, maar niet in een plastic bekertje”. Er staan toch gewone bekertjes op tafel, dat drinkt beter. Ik vind die automatenkoffie ook niet lekker. Vroeger schonken ze hier een lekker kopje koffie, gewoon uit en glazen pot.”
De kapster pakt een bekertje van tafel en laat het vol lopen met koffie uit de automaat. Zij zet het neer voor mevrouw, die nu voor de rij wandspiegels is gaan zitten. Ze hoeft niets te vragen aan mevrouw. Iedere week weer hetzelfde model, jarenlang. Mevrouw legt de Story neer en neemt een slokje van de koffie. Ze gaat door met kwebbelen:
“Neem nou die verhalen in de Story, vreselijk toch. Die artiesten, hoe zij leven. Ik zelf ken bijna niemand meer van die lui. In soaps spelen de meeste, daar kijk ik niet meer naar. In het begin nog wel, maar ik kan al die ellende niet meer volgen.
En dan die voetballers, een geld wat ze verdienen! Allemaal in dure huizen. En wat presteren ze nou helemaal? En maar vreemd gaan, die met die, en de andere week, hup, weer met een ander. Wat een verloedering.
Gelukkig zijn mijn kinderen allemaal netjes getrouwd. Hebben een goed inkomen. Ik heb er vier. Twee dochters en twee zonen. En al jaren bij elkaar.
Niet dat ik ze nou zo vaak zie. Ze wonen ook geen van allen hier in de omgeving.
Mijn kleinkinderen doen het ook allemaal prima. Mijn oudste kleinzoon schijnt nu ook “samen te wonen “. Al 2 jaar. Ik kreeg het te horen op nieuwjaarsdag!
“Ach, moeder, zei mijn dochter, we wilden het maar stil houden, omdat we dachten dat je er misschien moeite mee zou hebben!”
“Begrijp jij dat Cora? Dat ze denken dat ik zo ouderwets ben? Dat ik het zou veroordelen dat mijn kleinzoon gaat samenwonen. Ze zijn netjes opgevoed, dus dat huwelijk komt nog wel. Ik hoop dat ze niet te lang wachten. Want dat wil ik nog graag meemaken.”
“Dan moet jij mijn haar eens heel anders doen. Ik bedoel een beetje modern. Wat plukjes met van die gel erin. Dat lijkt me wel wat. En koop ik een leuk pakje in een felle kleur. Van dat felle groen of zo. Zal me nog vlot staan denk je niet?
Zal ik ze eens laten zien, hoe modern ik nog ben op mijn leeftijd.”
De kapster knikt instemmend naar het spiegelbeeld van mevrouw.
Ze spuit een nevel van haarlak over het hoofd van mevrouw. Haalt de plastic kapmantel van haar schouders en houdt een handspiegel achter het hoofd van mevrouw.
“Zo mevrouw Buitendijk, het is weer klaar voor deze week. Kijk maar eens of het naar je zin is!”
Mevrouw werpt een snelle blik in de spiegel.
“Heel netjes weer, dankjewel kind!”
Samen lopen ze naar de kassa om af te rekenen. De kapster helpt mevrouw in haar jas. Als zij de deur geopend houdt voor mevrouw, grabbelt mevrouw in haar jaszak en haalt er een briefje van 5 euro uit.
“Alsjeblieft meid, dat is voor jou. Kun je eens een lekker bakkie koffie kopen als je de stad in gaat”. En tot volgende week.”
woensdag, januari 18, 2006
Weegschaal
Soms word ik doodmoe van mezelf! Dat heeft te maken met keuzes en mijn sterrenbeeld: weegschaal! Geen ingewikkelde keuzes, maar gewoon dingen die voor ieder ander geen enkele probleem opleveren, zijn voor mij een obstakel.
Voorbeeld: mijn kapsel> ik heb het geluk dat ik “makkelijk” haar heb. Ik was het 2x per week met een willekeurige shampoo uit een aanbieding bij het Kruidvat of van de Hema, ros het met een handdoek droog en als ik het niet vergeet kneed ik er tegenwoordig een eng, slijmerig smeersel in voor de glans. Laat het drogen en hup, het zit goed. Het blond wordt grijs, maar daar kan ik mee leven! Verven is niet bij te houden. Het groeit snel en dan begint de twijfel. Het is op een lengte dat ik het liever niet meer los draag omdat ik er dan veel tijd aan moet besteden, dus een klem erin en het zit keurig opgestoken. Maar, dan zie ik mezelf in een etalageruit of op een foto en trek de conclusie dat ik met dit hoofd goed zou passen tussen vrouwen van de” gereformeerde gemeente vrijgemaakt”! En daar heb ik niks mee.
Dilemma: zal ik het laten knippen? Nee hoor, zegt mijn man, veel leuker zo dat opgestoken haar. (Die mening geeft hij al 40 jaar!)
De zonnenbankdame: “meid, kort haar staat je leuker en maakt je veel jonger”! Oei! Mijn dochter: moet je zelf weten ma! Dat schiet lekker op. Driftig informeer ik verder bij vrienden en kennissen “wat ik zal doen”! Uiteindelijk bel ik toch onze huiskapster die lang haar onkruid noemt en vol overgave de schaar erin zet en tegen mijn spiegelbeeld aanpraat over haar enige dochter die “het zo geweldig doet”. Bij thuiskomst kijkt Nico misprijzend naar het resultaat~! “Houd je mond”, bijt ik hem toe en besluit meteen: ik laat het weer groeien!
Zover is het nu weer en zit ik nu met het volgende probleem: ik wil eigenlijk naar een andere kapper! Informeren wederom: wat is een goeie kapper! Mijn vriendinnen zullen gek worden van mij. In een huisaanhuisblad zie ik een advertentie die me aanspreekt en Ik beslis: pak de telefoon en krijg ene Kim aan de lijn. “Door wie wilt u geholpen worden”? Jeroen” zeg ik aarzelend. Prima u bent genoteerd woensdag 18 januari 2006 om half 12. O jee, daar begint de twijfel weer!
Weet niets van Jeroen, hij zag er leuk uit in de krant en El is er geweest en de schoondochter van Mima, een trendy kapper, maar nu moet ik! Zal ik afbellen? Niet zo meuten, spreek ik mezelf toe: haar is onkruid, het groeit vanzelf weer aan!
Op het afgesproken tijdstip stap ik de kapperszaak binnen, het heeft iets weg van een huiskamer, ik word hartelijk ontvangen door het aanwezige personeel en een leuk meisje zet me aan de wasbak en begint mijn haar te wassen. Daarna brengt ze een lekker kopje cappucino . Jeroen stelt zich voor, vraagt hoe ik aan zijn naam kom en begint te knippen en te kneden en te kletsen en na een half uur kan ik het resultaat bewonderen: prima! Als ik afreken krijg ik een mooi pasje voor een vervolg bezoek (twee weken tevoren bespreken voor Jeroen) en word vriendelijk uitgezwaaid. Ik word er helemaal vrolijk van!
Tevreden stap ik op de fiets (het is gelukkig droog) en kom tot de conclusie dat ik hier vaker heen ga. Leuke mensen, persoonlijke benadering en gaan oeverloze verhalen over de dochter van……!
Maar ik ben bang als het zover is dat ik toch weer ga twijfelen: zal ik ……. ??? Nou ja, dat hoort toch bij een weegschaal!
Voorbeeld: mijn kapsel> ik heb het geluk dat ik “makkelijk” haar heb. Ik was het 2x per week met een willekeurige shampoo uit een aanbieding bij het Kruidvat of van de Hema, ros het met een handdoek droog en als ik het niet vergeet kneed ik er tegenwoordig een eng, slijmerig smeersel in voor de glans. Laat het drogen en hup, het zit goed. Het blond wordt grijs, maar daar kan ik mee leven! Verven is niet bij te houden. Het groeit snel en dan begint de twijfel. Het is op een lengte dat ik het liever niet meer los draag omdat ik er dan veel tijd aan moet besteden, dus een klem erin en het zit keurig opgestoken. Maar, dan zie ik mezelf in een etalageruit of op een foto en trek de conclusie dat ik met dit hoofd goed zou passen tussen vrouwen van de” gereformeerde gemeente vrijgemaakt”! En daar heb ik niks mee.
Dilemma: zal ik het laten knippen? Nee hoor, zegt mijn man, veel leuker zo dat opgestoken haar. (Die mening geeft hij al 40 jaar!)
De zonnenbankdame: “meid, kort haar staat je leuker en maakt je veel jonger”! Oei! Mijn dochter: moet je zelf weten ma! Dat schiet lekker op. Driftig informeer ik verder bij vrienden en kennissen “wat ik zal doen”! Uiteindelijk bel ik toch onze huiskapster die lang haar onkruid noemt en vol overgave de schaar erin zet en tegen mijn spiegelbeeld aanpraat over haar enige dochter die “het zo geweldig doet”. Bij thuiskomst kijkt Nico misprijzend naar het resultaat~! “Houd je mond”, bijt ik hem toe en besluit meteen: ik laat het weer groeien!
Zover is het nu weer en zit ik nu met het volgende probleem: ik wil eigenlijk naar een andere kapper! Informeren wederom: wat is een goeie kapper! Mijn vriendinnen zullen gek worden van mij. In een huisaanhuisblad zie ik een advertentie die me aanspreekt en Ik beslis: pak de telefoon en krijg ene Kim aan de lijn. “Door wie wilt u geholpen worden”? Jeroen” zeg ik aarzelend. Prima u bent genoteerd woensdag 18 januari 2006 om half 12. O jee, daar begint de twijfel weer!
Weet niets van Jeroen, hij zag er leuk uit in de krant en El is er geweest en de schoondochter van Mima, een trendy kapper, maar nu moet ik! Zal ik afbellen? Niet zo meuten, spreek ik mezelf toe: haar is onkruid, het groeit vanzelf weer aan!
Op het afgesproken tijdstip stap ik de kapperszaak binnen, het heeft iets weg van een huiskamer, ik word hartelijk ontvangen door het aanwezige personeel en een leuk meisje zet me aan de wasbak en begint mijn haar te wassen. Daarna brengt ze een lekker kopje cappucino . Jeroen stelt zich voor, vraagt hoe ik aan zijn naam kom en begint te knippen en te kneden en te kletsen en na een half uur kan ik het resultaat bewonderen: prima! Als ik afreken krijg ik een mooi pasje voor een vervolg bezoek (twee weken tevoren bespreken voor Jeroen) en word vriendelijk uitgezwaaid. Ik word er helemaal vrolijk van!
Tevreden stap ik op de fiets (het is gelukkig droog) en kom tot de conclusie dat ik hier vaker heen ga. Leuke mensen, persoonlijke benadering en gaan oeverloze verhalen over de dochter van……!
Maar ik ben bang als het zover is dat ik toch weer ga twijfelen: zal ik ……. ??? Nou ja, dat hoort toch bij een weegschaal!
dinsdag, januari 03, 2006
OUDJAAR 2005
De laatste dag van 2005 valt op zaterdag. Het is een regenachtige dag. Gister lag er nog een mooie sneeuwlaag, die nu alweer bijna is verdwenen. Ik ben nog even naar buiten gelopen in de sneeuw, heerlijk dat geknisper onder mijn voeten. Vannacht begon het te regenen en de sneeuw alweer te smelten. Er was lekkage precies boven het bed: drup, drup, ik werd er wakker van. Gelukkig viel het mee met de wateroverlast! Afwasteiltje onder de drup en ik ben weer in slaap gevallen. Om 9 uur werd ik wakker met het oudjaars gevoel, dwz onrustig en nerveus. Heb ik altijd op deze dag. Waarschijnlijk ontstaan in mijn jeugd. Mijn moeder sprak tegenover mij haar angst uit dat er wel eens geen jaar meer achter kon zitten! Leek mij een heel akelig idee. Tegen de klok van 12 uur was ik zo nerveus als wat. Zo ging dat ieder jaar weer. Het was bedoeld als grap maar ik heb er toch een soort “oudjaarsavond-angst-syndroom aan over gehouden! Oudjaar uit mijn jeugd was zeker niet “gezellig” thuis met alleen mijn ouders. Soms werden we uitgenodigd bij de ouders van mijn schoonzus, dat was wel leuk. Die hadden een glimmende kast met een glazen rolluikje waarin een platenspeler zat. Er konden 10 plaatjes tegelijk op een soort arm die automatisch verwisselde. Geweldig vond ik dat. Ik zie dat mooie verlichte kastje nog voor me. En de muziek …veel accordeon, Johnny Jordaan en tante Leen. De vader van mijn schoonzus was een heel gezellige man, die walste met me door de kamer. Daar was het echt feest, iedereen was dan in feeststemming.
Vanaf 10 uur vanochtend is vuurwerk afsteken toegestaan. Groepjes jongens op straat kijken heel stoer als ze de rotjes aansteken en weg werpen. Genietend van die spanning. Het is al ruim 20 jaar geleden dat die sfeer ook bij ons in huis hing. Er werd begin december vuurwerk besteld bij de bezorger van de leesmap. De week voor oudjaar werd het pakket bezorgd. Nico verdeelde de pijlen en rotjes eerlijk tussen de jongens, die daar speciaal een kistje voor hadden opgericht. Later realiseerde ik me dat die kistjes wel onuitputtelijk waren. Ze kochten waarschijnlijk steeds dingen bij in het “zwarte circuit”. Helemaal gek waren ze ervan ze waren nergens anders mee bezig op oudjaarsdag. Om 12 uur werden ze geholpen met afsteken door hun vader die er ook wel schik in had, alhoewel het meer op controle leek om ongelukken te voorkomen. Toen ze ouder waren kochten ze dozen vol “strijkers” levensgevaarlijk bleek naderhand! Wist ik veel. Trouwens verbieden had in die periode totaal geen zin meer. Ze deden het gewoon, stiekem in een of ander steegje achteraf.
Nu geniet ik op nieuwjaarsdag van de spanning op het snuitje van mijn kleinzoon als hij een brandend sterretje mag vasthouden. Zo trots met glanzende ogen. Aan het touwtje trekken van een klein rotje durft hij nog niet, maar als oom Steef hem helpt en de knal komt, springt hij enthousiast in het rond. Over nog eens 6 jaar zal hij ook zijn eigen doos met vuurwerk hebben. Vuurwerk, blijft voor grote en kleine jongens iets geweldigs.
Vanaf 10 uur vanochtend is vuurwerk afsteken toegestaan. Groepjes jongens op straat kijken heel stoer als ze de rotjes aansteken en weg werpen. Genietend van die spanning. Het is al ruim 20 jaar geleden dat die sfeer ook bij ons in huis hing. Er werd begin december vuurwerk besteld bij de bezorger van de leesmap. De week voor oudjaar werd het pakket bezorgd. Nico verdeelde de pijlen en rotjes eerlijk tussen de jongens, die daar speciaal een kistje voor hadden opgericht. Later realiseerde ik me dat die kistjes wel onuitputtelijk waren. Ze kochten waarschijnlijk steeds dingen bij in het “zwarte circuit”. Helemaal gek waren ze ervan ze waren nergens anders mee bezig op oudjaarsdag. Om 12 uur werden ze geholpen met afsteken door hun vader die er ook wel schik in had, alhoewel het meer op controle leek om ongelukken te voorkomen. Toen ze ouder waren kochten ze dozen vol “strijkers” levensgevaarlijk bleek naderhand! Wist ik veel. Trouwens verbieden had in die periode totaal geen zin meer. Ze deden het gewoon, stiekem in een of ander steegje achteraf.
Nu geniet ik op nieuwjaarsdag van de spanning op het snuitje van mijn kleinzoon als hij een brandend sterretje mag vasthouden. Zo trots met glanzende ogen. Aan het touwtje trekken van een klein rotje durft hij nog niet, maar als oom Steef hem helpt en de knal komt, springt hij enthousiast in het rond. Over nog eens 6 jaar zal hij ook zijn eigen doos met vuurwerk hebben. Vuurwerk, blijft voor grote en kleine jongens iets geweldigs.
woensdag, november 09, 2005
La petite Irene Cahan d’ Anvers (±1880) door Pierre Auguste Renoir
Omstreeks 1960 op mijn 18e verjaardag kreeg ik deze reproductie cadeau van een heel goede vriendin. Sindsdien was ik gecharmeerd van de schilderkunst van Renoir. De sfeer die zijn schilderijen uitademen vind ik nog steeds prachtig. Van de impressionisten is hij mijn favoriet. Ik probeerde van alles te weten te komen over de schilder en verdiepte me in zijn werk. Het straalt intimiteit en romantiek uit, vooral de dansende paren! Kleine Irene sprak erg tot mijn verbeelding. Het 8 jarige dochtertje van de bankier waar Renoir zaken mee deed, heeft model gezeten. Het schilderij hangt in het E.G. Buhrle museum in Zurich. Ik zou het graag eens gaan bekijken.Veel jaren later, ik denk 1978, poseerde mijn dochter (14) voor haar tekenleraar van de middelbare school. Zo verdiende ze een zakcentje bij. Ik vroeg haar regelmatig hoe het schilderij werd en of ik het t.z.t. kon bekijken maar hoorde er niets meer van en het verdween ook uit mijn gedachten. In 1981 was er een expositie van Gerard de Wit in het gemeentehuis van Oegstgeest, daar ben ik samen met mijn dochter heen gegaan en ik was erg onder de indruk van haar portret. De overeenkomst met La Petite Irene kwam onmiddellijk naar boven. Mijn dochter zag er inmiddels heel anders uit, ze was nu een heftige “punker” geworden. Een enorm verschil met het meisje op het schilderij! In een plaatselijk dagblad waarin een recensie over de expositie van de schilder stond, werd het een “Renoir achtig meisje” genoemd!
In 1982 heb ik met mijn man een expositie bij Ars Aemula in Leiden bezocht. Ook hij vond het schilderij prachtig. Omdat we een kleine erfenis tegoed hadden, lag het in ons vermogen om het portret van onze dochter te kopen. Het hangt sindsdien in de woonkamer. En La Petite Irene hangt nog altijd op de logeerkamer.
maandag, november 07, 2005
Onze straat
De straat is ongeveer een kilometer lang. Een wat smalle straat met lintbebouwing. Verschillende bouwstijlen.
Het zal de belangrijkste weg zijn geweest ooit, toen Leiderdorp nog een echt dorp was. Het Oude Dorp wordt dit gedeelte nog genoemd. Het gedeelte waar wij wonen heet het Doeskwartier.
In de afgelopen 40 jaar is er veel veranderd. Gelukkig woon ik aan een nog authentiek stukje naast de Doesbrug. Ruim 10 jaar geleden is de brug gerestaureerd nadat er veel actie is gevoerd door de bewoners. De gemeente wilde er voor het gemak een soort kwakel van maken. Weg met een beeldbepalend stukje dorpsgezicht. Maar dat ging mooi niet door! De bediening (van mei t/m oktober) wordt nog steeds gedaan door een brugwachter. De pleziervaart is wel veel drukker geworden. Op een mooie zondag zijn de bootjes niet meer te tellen en is de rust voor ons ver te zoeken.
We hebben de tijd aan ons zien voorbij trekken. Toen wij het huis betrokken in 1965 waren we de jongste bewoners in dit gedeelte. Nu zijn wij de oudste. Gekscherend noemen we ons zelf de opa en oma van de buurt!
Er waren veel winkeltjes. Twee bakkers, twee sigaren winkels, 2 bijzonder ouderwetse galanterie winkeltjes waar je alles kon kopen van haarspeldjes tot wasknijpers, speelgoed en potten en pannen. 2 kruideniers, waar je vanachter de toonbank werd geholpen, een melkboer en een groentewinkel. Stuk voor stuk zijn ze verdwenen. Alleen de Spar is er nog zei het als een klein museum waar je beperkt levensmiddelen kunt kopen en biologisch vlees. Maar je kunt er ook een fietsroute halen of leuke boekjes kopen over de geschiedenis van Leiderdorp. Je kunt er binnen gaan en een praatje maken met de oudere buurtbewoners onder het genot van een kopje koffie.
Er heerste destijds nog zondagsrust in dit gereformeerde gedeelte van het dorp. Je had de moed niet om op zondag de auto te wassen of een hekje te verven. De brug werd ook niet geopend op zondag. Alleen het café aan de overzijde had daar geen boodschap aan. Maar dat waren bij uitzondering katholieken.
Nu leeft dat niet meer en iedereen doet gewoon op zondag wat hij denkt wat nodig is. Het straatbeeld werd toen niet bepaald door een lange rij geparkeerde auto,s.
De meeste bewoners bezitten er nu twee. Parkeren is een probleem geworden.
Jonge mensen kopen nu de oude pandjes en beginnen enthousiast met opknappen. "Waar beginnen ze aan", zeggen wij tegen elkaar.
Precies wat men 40 jaar geleden tegen ons zei: "Koop een nieuw huis, je zult er zoveel werk aan moeten verrichten en het blijft een oud pand"!
Wij kochten deze oude bakkerij en hebben er veel aan verbouwd. De kinderen zijn hier opgegroeid, ons leven heeft zich tot nu toe voor het grootste deel hier voltrokken. De woning is een stuk levenswerk geworden. Voorlopig gaan we hier niet weg. Het wordt weer leuk met al die jonge mensen in de buurt. We worden soms ingezet om even de babyfoon te nemen of een hondje uit te laten. Maar ook voor een gezellig avondje met een etentje en een drankje.
Nog geen denken aan een "senioren appartement"!
Het zal de belangrijkste weg zijn geweest ooit, toen Leiderdorp nog een echt dorp was. Het Oude Dorp wordt dit gedeelte nog genoemd. Het gedeelte waar wij wonen heet het Doeskwartier.
In de afgelopen 40 jaar is er veel veranderd. Gelukkig woon ik aan een nog authentiek stukje naast de Doesbrug. Ruim 10 jaar geleden is de brug gerestaureerd nadat er veel actie is gevoerd door de bewoners. De gemeente wilde er voor het gemak een soort kwakel van maken. Weg met een beeldbepalend stukje dorpsgezicht. Maar dat ging mooi niet door! De bediening (van mei t/m oktober) wordt nog steeds gedaan door een brugwachter. De pleziervaart is wel veel drukker geworden. Op een mooie zondag zijn de bootjes niet meer te tellen en is de rust voor ons ver te zoeken.
We hebben de tijd aan ons zien voorbij trekken. Toen wij het huis betrokken in 1965 waren we de jongste bewoners in dit gedeelte. Nu zijn wij de oudste. Gekscherend noemen we ons zelf de opa en oma van de buurt!
Er waren veel winkeltjes. Twee bakkers, twee sigaren winkels, 2 bijzonder ouderwetse galanterie winkeltjes waar je alles kon kopen van haarspeldjes tot wasknijpers, speelgoed en potten en pannen. 2 kruideniers, waar je vanachter de toonbank werd geholpen, een melkboer en een groentewinkel. Stuk voor stuk zijn ze verdwenen. Alleen de Spar is er nog zei het als een klein museum waar je beperkt levensmiddelen kunt kopen en biologisch vlees. Maar je kunt er ook een fietsroute halen of leuke boekjes kopen over de geschiedenis van Leiderdorp. Je kunt er binnen gaan en een praatje maken met de oudere buurtbewoners onder het genot van een kopje koffie.
Er heerste destijds nog zondagsrust in dit gereformeerde gedeelte van het dorp. Je had de moed niet om op zondag de auto te wassen of een hekje te verven. De brug werd ook niet geopend op zondag. Alleen het café aan de overzijde had daar geen boodschap aan. Maar dat waren bij uitzondering katholieken.
Nu leeft dat niet meer en iedereen doet gewoon op zondag wat hij denkt wat nodig is. Het straatbeeld werd toen niet bepaald door een lange rij geparkeerde auto,s.
De meeste bewoners bezitten er nu twee. Parkeren is een probleem geworden.
Jonge mensen kopen nu de oude pandjes en beginnen enthousiast met opknappen. "Waar beginnen ze aan", zeggen wij tegen elkaar.
Precies wat men 40 jaar geleden tegen ons zei: "Koop een nieuw huis, je zult er zoveel werk aan moeten verrichten en het blijft een oud pand"!
Wij kochten deze oude bakkerij en hebben er veel aan verbouwd. De kinderen zijn hier opgegroeid, ons leven heeft zich tot nu toe voor het grootste deel hier voltrokken. De woning is een stuk levenswerk geworden. Voorlopig gaan we hier niet weg. Het wordt weer leuk met al die jonge mensen in de buurt. We worden soms ingezet om even de babyfoon te nemen of een hondje uit te laten. Maar ook voor een gezellig avondje met een etentje en een drankje.
Nog geen denken aan een "senioren appartement"!
Abonneren op:
Posts (Atom)